Geplaatst op 29 juli 2017

Van B naar ZZ: Klasse L

Door Marlot Karsten

In mijn vorige blog hadden we het over een belangrijke basis en hoe je naar een B proef toe kon trainen. In deze blog gaan we een stapje verder richting het L dressuur. Hoe doe je dat; je paard klaar maken voor het L? Wat komt hier allemaal bij kijken? Uiteraard gelden de punten uit de klasse B hierin ook.

Je bent de B door gekomen je wilt jou en je paard nu klaar maken voor het L. De basis waarover ik heb verteld in het stuk over de klasse B blijft eigenlijk in iedere klasse hetzelfde. Nu je de overstap maakt naar de L is het belangrijk dat je paard nog scherper is aan je hulpen. Ook zal er iets meer oprichting gevraagd worden dan in de B. Maar hoe doe je dat eigenlijk, je paard scherper maken aan je hulpen? Rijd veel tempowisselingen, korte stukken naar voor en korte stukken terug. Wanneer een paard bij ons in de training heel graag terug komt in tempo, rijd ik net ietsje langer door naar voren en een paard dat alleen maar naar voren wil rijd ik iets langer terug. Dat het paard wacht op mijn hulp en niet uit zichzelf het tempo gaat overnemen.

Bij het oprichten moet het paard met een lichte ‘’druk’’ bovenin lopen. Eigenlijk noem ik dit altijd fijn contact op twee teugels. Door het schakelen in je tempo neemt het paard meer gewicht op de achterhand waardoor hij makkelijker bovenin kan gaan lopen. Hierin komt weer het stukje terug van het van je been naar je hand toe rijden.

In de klasse L1 komt erbij dat je minimaal 5 meter moet wijken voor de kuit, zowel links als rechts. Hier begin je thuis mee in je training. Het is belangrijk dat je paard eerst rechts kan lopen, op eigen benen. Als je dit stukje voor elkaar hebt dan kun je beginnen aan het wijken voor de kuit. Wend op de korte zijde af, iets voorbij A of C, een paar meter van de hoefslag. Druk met je binnenbeen op de singel en sluit je buitenhand. Als je paard harder gaat wanneer je je binnenbeen aan drukt, vang hem dan rustig op met je buitenhand. Het is niet de bedoeling dat hij harder gaat maar opzij. Krijg je geen reactie, verplaats dan je gewicht een beetje naar de kant waar je paard naartoe moet. En geef dan nogmaals binnenbeen en sluit je buitenhand.

Als je paard dit stukje begrijpt komt er nog een klein beetje stelling met je binnenhand bij. Niet teveel, want dat zorgt er weer voor dat hij over de buitenkant weg loopt. Dit zie je helaas vaak gebeuren, dus het is een puntje om op te letten. Zorg eerst dat hij goed opzij gaat aan je binnenbeen en dat je hem kunt begrenzen met je buitenhand. Wanneer de paarden dit stukje kennen, gaan wij een stapje verder door ook eens van de hoefslag af te wijken naar het midden en weer terug te wijken naar de hoefslag voor het andere been. Zo blijven ze scherp aan de hulp.

Ook krijgen we een paar sprongen middengalop in de klasse L1. Nu is dit geen kwestie van een keertje gas geven en weer afremmen. Rijd in je training in de galop ook eerst wat tempo wisselingen. Een paard passen naar voren en weer terug op je zit. In je terug rijden toch weer je been aanleggen om sprong te bewaren. In het terug rijden ga je steeds een stapje verder sluiten. Het zal gebeuren dat je paard terug valt naar draf, ondanks dat jij je been erbij had. Galoppeer weer aan, rijd weer terug met je been erbij en als hij bijna uit de galop valt rijd je hem weer naar voren. Herhaal dit een aantal keer, zodat je paard meer voorwaarts blijft denken in de tempowisseling terug. Geef korte en duidelijke hulpen zodat je reactie krijgt. Blijf je been niet aanleggen. Als het heel moeilijk is je paard terug te rijden na enkele sprongen middengalop op de lange zijde, rijd dan eens een kleine volte aan het einde zodat hij wel ‘’moet’’ terug komen.

Succes!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *